Wie van bos- en rivierlandschappen houdt, moet beslist naar het westen van de provincie Luxemburg. De streek van de bovenloop van de Lesse is daar een groen paradijs. Op die plek bevindt zich ook de samenvloeiing met haar zijrivier de Our, die in haar benedenloop eveneens een buitengewoon aantrekkelijke waterloop is. In de hoek tussen de beide valleien strekt zich een landschap uit van hooggelegen weiden en bossen. Maissin is het belangrijkste dorp in die streek.
AFSTAND 7,5 km.
AARD VAN DE WEG In de eerste lus krijg je uitsluitend asfalt onder de wandelschoenen, behalve dan in het bos, waar de wegen soms elementair verhard en dan weer onverhard zijn. In het middendeel van de tweede lus volg je een poos elementair verharde bos- en landweg, maar voor het overige asfaltweg. Globaal: geen speciaal schoeisel vereist. Maar je kunt alleen maar een lichte kinderwagen meenemen en dan nog na een droge periode (en het zal niet makkelijk zijn hem over hoogtelijn 400 m te slepen). Toch zijn de niveauverschillen niet erg groot.
BEWEGWIJZERING De eerste wandellus is bewegwijzerd met groene kruisjes (en op het laatst ook nog met liggende rode ruitjes). De tweede lus is helemaal niet bewegwijzerd.
PARKEREN Bij de ingang van het oorlogskerkhof Pierre Massé. Hoe kom je bij deze begraafplaats? Gewoon door in het centrum van Maissin de richting Lesse te volgen, evenals de pijlen "Cimetière Franco-Allemand". Dat kerkhof werd aangelegd op de Spîhouheuvel, als laatste rustplaats voor de talrijke Franse soldaten - vooral Bretoenen en Vendeeërs - die hier in de Eerste Wereldoorlog sneuvelden. Er liggen ook Duitse soldaten begraven. Op 22 en 23 augustus 1914 werd in de omgeving van Maissin slag geleverd tussen de rechtervleugel van het 4de Duitse leger en de linkervleugel van het 4de Franse leger. Het werd de enige slag die in die periode door de Fransen werd gewonnen op Belgisch grondgebied. Maar de overwinning had wel duizenden mensenlevens gekost en bovendien moesten de Fransen, die de plek ten koste van zoveel levens hadden veroverd, zich onmiddellijk terugtrekken, want de generaals hadden een algemene terugtocht bevolen. Op het kerkhof verrijst een Bretonse, bijna door de tijd uitgewiste calvarie, in 1932 geschonken door de Franse gemeente Tréhou (Finistère); hij herinnert aan de vele gesneuvelden uit Bretagne en de Vendée.
Si vous voulez publier cet itinéraire sur votre propre site Web, copiez le code de la fenêtre à côté et collez-le dans le code de votre site Web. Cet itinéraire devrait être public.