This site is available in your language and country. Change the language to English and the country to United States.
Klik hier om dit bericht te verbergen.

Kerkhof van de Zusters Apostolinnen en de beruchte Soeur Mourir

Bron: Willem Vandenameele

Beschrijving

Het nonnenkerkhof ligt verscholen achteraan in het park, richting de Schelde, en ademt een sfeer van volstrekte rust uit.

Dat het kerkhof nabij de Schelde ligt, is niet toevallig. In de religieuze symboliek staat de rivier vaak voor de oversteek naar het hiernamaals.

Het kerkhof is een "hortus conclusus" (een gesloten ommuurde tuin) om een duidelijke grens te trekken tussen het drukke schoolleven (het pensionaat) en de eeuwige rust van de kloostergemeenschap.

Wat meteen opvalt is de gelijkheid. De zusters kozen niet voor individuele praalgrafstenen. Je ziet rijen met identieke, eenvoudige kruisen of kleine zerken. Dit symboliseert hun gelofte van armoede en de gedachte dat iedereen voor God gelijk is. Vaak staat enkel de kloosternaam (bijvoorbeeld Zuster Maria-Jozef), de geboortedatum en de overlijdensdatum erop.

In 1948 werd aan de boord van de Schelde, in het park van het kasteel een eigen kerkhof aangelegd, waar nog steeds zusters begraven worden. De eerwaarde moeders liggen begraven in de crypte die zich bevindt onder de kleine kapel achteraan.

Ook Cecile Bombeke (beter bekend onder haar kloosternaam Zuster Godfrida) ligt begraven op het domein, maar haar graf is omringd door een sluier van stilte en anonimiteit. Ze overleed in 2019 op 86-jarige leeftijd. Ze werd door auteur Tom De Smet ‘Soeur Mourir’ in zijn boek en wel hierom: bijna niemand in Vlaanderen kent het verhaal van de Wetterse non Cecile Bombeke, alias zuster Godfrieda, die in de jaren zeventig minstens drie bejaarden om het leven bracht.
 

Op 3 februari 1958 staat de 24-jarige Wichelse boerendochter Cecile Bombeke met één valies aan de ingang van het klooster van de Heilige Apostolinnen van Sint-Jozef in Wetteren. Haar drie jaar oudere zus Julia, weggeteerd door botkanker, heeft haar op haar sterfbed de kloosternaam Godfrieda gegeven. Dat betekent ‘levend onder goddelijke bescherming’.

De kersverse non gaat aan de slag als vroedvrouw. Een van de eerste Wetterse kinderen die ze op de wereld zet, is Peter De Winter. Het is meteen een problematische bevalling. De baby ligt in stuit. Godfrieda blijft koelbloedig en redt zijn leven. Het is het begin van een levenslange vriendschap met Peters moeder Elza. Geregeld gaat die met haar kinderen op bezoek bij de non in het klooster. “Ik keek enorm naar Godfrieda op”, blikt Peter De Winter anno 2023 terug. “Tenslotte had ze mijn leven gered. Maar ze was ook een warme, hulpvaardige vrouw.”

Ook moeder-overste Pauline is bijzonder blij met haar nieuwe aanwinst. Ze zet haar aan het werk als verpleegkundige in het nabijgelegen bejaardentehuis. Dat is in handen van het OCMW, maar is opgericht en wordt nog steeds uitgebaat door het klooster. Godfrieda komt er terecht op de geriatrische afdeling, ook wel ‘de Chronische’ genoemd. Daar leven de ziekste en meest hulpbehoevende bewoners van het rusthuis. Het is er hard labeur. Veel van de bejaarden kunnen nauwelijks nog bewegen. Ze lijden soms helse pijnen. Euthanasie staat nog niet in de Belgische wet, palliatieve zorg is onbekend.

Godfrieda – plichtbewust en godsvruchtig – moppert niet. Ze zorgt naar best vermogen voor ‘haar’ mensen op de Chronische. Moeder-overste is uiterst tevreden en benoemt Godfrieda in 1967 – ze is dan 34 – tot hoofdverpleegkundige van de afdeling. In die hoedanigheid stuurt ze voortaan een klein team van bejaardenhelpsters aan. Ze is de enige non op de Chronische: alle andere personeelsleden zijn leken.

Hevige hoofdpijn

In 1970 krijgt Godfrieda te kampen met aanvallen van hevige hoofdpijn. De plaatselijke dokters vinden de oorzaak niet. Ze schrijven haar dan maar pijnstillers voor. Godfrieda heeft er steeds meer nodig om te kunnen blijven werken. De situatie wordt stilaan onhoudbaar, maar moeder-overste wil een van haar beste krachten niet kwijt, en dringt erop aan dat ze als hoofdverpleegster actief blijft. Braaf en timide als ze is, durft Godfrieda niet te weigeren. Ze werkt dus voort.

Volgens familieleden zat de non in die periode vaak met haar hoofd in de handen te jammeren. “Het was aandoenlijk. Hoe vaak hebben we haar niet gezegd dat het niet meer menselijk was?”

Godfrieda belandt uiteindelijk bij de Gentse neuroloog Jules Govaert. Op 21 februari 1974 gaat de non onder het mes. Govaert deelt haar daarna mee dat hij een kwaadaardige hersentumor heeft verwijderd. Een stevige deuk in haar schedeldak zal haar de rest van haar leven aan die ingreep herinneren.

Maar de hoofdpijn verdwijnt niet. Govaert schrijft haar het morfinederivaat Dolantine Special voor: een zeer verslavend en zwaar verdovend medicijn dat ze slechts beperkt mag nemen. Godfrieda keert terug naar de Chronische. Ze kan amper functioneren. Ze heeft meer Dolantine nodig. Ze steelt medicijnen, vervalst voorschriften en laat de hoogbejaarde dokter van het rusthuis zelfs blanco briefjes leveren.

Drank en lesbische relatie

De hersenoperatie lijkt de non ingrijpend veranderd te hebben. Ze begint te drinken, gaat samen met haar medezuster Mathieu – met wie ze samenhokt op de bovenste verdieping van het rusthuis – naar restaurants, cafés en seksshops, koopt uitdagende kledij en maakt seksuele avances tegenover haar vrouwelijk personeel. Met Mathieu heeft ze een lesbische relatie, zullen verschillende getuigen later beweren.

Godfrieda behandelt haar patiënten steeds ruwer. Sommige personeelsleden van de Chronische vermoeden dat ze dat met opzet doet: als haar patiënten klagen over pijn, kan ze de dokter extra pijnstillers laten voorschrijven. Pijnstillers die ze dan voor zichzelf gebruikt, fluisteren ze.

Tot drie keer toe betrapt het personeel Godfrieda terwijl ze hard op de borstkas van een bejaarde drukt en hem of haar water doet drinken. Zo kunnen de luchtwegen vollopen met water, met de verdrinkingsdood tot gevolg.

Er verdwijnen juwelen, waardepapieren, cash geld. Als een man overlijdt, vraagt zijn dochter waar de kasbons in het nachtkastje naartoe zijn. “Uw broer heeft die mee”, zegt Godfrieda. Als de zoon van de overledene enkele uren later dezelfde vraag stelt, luidt het antwoord: “Uw zus is daarmee weg.” Broer en zus zullen jarenlang niet meer met elkaar spreken.

Op 29 juli 1977 klaagt de 81-jarige Leon Matthys na het ontbijt over zijn spijsvertering. Hij krijgt een spuitje van Godfrieda. Hij sterft ’s middags.

Het personeel kan het hoge aantal doden niet langer negeren. In 1977 zijn er al 21 mensen op de Chronische gestorven. Het jaarlijkse gemiddelde op de afdeling is dertien.

Enkele bejaardenhelpsters trekken naar OCMW-voorzitter Romain Verschooris. Hij stuurt hen één voor één wandelen. Ze krijgen te horen dat ze “zotte wijven” zijn die een “complot tegenover zuster Godfrieda smeden”. Kort daarna, op 14 augustus 1977, sterft de 79-jarige Irma De Backer. Ze heeft al enkele nachten slecht geslapen. ’s Middags geeft Godfrieda haar een injectie. ’s Avonds is de bejaarde vrouw dood.

Ontwenningskliniek

Personeelsleden Anna Van den Bogaerd, Wivine Lison en Lucienne Rasschaert breken binnen in Godfrieda’s kamer en vinden een doos vol medicijnen. Ze brengen die naar Verschooris. Als Godfrieda dat ontdekt, slaat ze haar kamer kort en klein. Zelfs voor Verschooris is het nu duidelijk: de situatie is onhoudbaar. Hij stuurt de non naar een ontwenningskliniek. Het trio bejaardenhelpsters krijgt te horen dat ze moeten zwijgen over de zaak. Niemand is gediend met een schandaal, en wat gebeurd is valt toch niet meer terug te draaien.

De rust keert weer in Wetteren. Tot een halfjaar later het personeel een kerstkaartje krijgt: ‘Tot binnenkort’. Ondertekend door Godfrieda. Ze is vast van plan haar vroegere functie weer op te nemen.

Ten einde raad trekken Van den Bogaerd en haar twee collega’s naar de jonge huisarts Jean-Paul De Corte. Hij heeft de reputatie voor niets of niemand zijn mond te houden. Ze vertellen hem over de moorden, de diefstallen en de verslaving van Godfrieda.

Drie insulinemoorden bekend

De Corte is duidelijk: als hun aantijgingen kloppen, zal hij hen steunen. Hij schakelt een ambtenaar in die de apotheken in de regio controleert. Die ontdekt onregelmatigheden. Op 10 februari 1978 wordt Godfrieda opgepakt, in eerste instantie op verdenking van valsheid in geschrifte. Maar al snel bekent ze drie moorden door insuline-injecties: op De Backer, Matthys en de 87-jarige Maria Vanderginst.

Wetteren staat op zijn kop. Bij een inderhaast bijeengeroepen OCMW-raad roept de secretaris: “Welk kieken heeft dat hier aan de grote klok gehangen?”

Buiten Wetteren zorgt het nieuws voor weinig ophef. De – voornamelijk katholieke – pers besteedt er amper aandacht aan. De drie klokkenluidsters worden intussen bedreigd. Zij zijn nestbevuilers die de goede naam van de gemeente en het klooster bezoedeld hebben.

Het drietal voelt zich volledig in het nauw gedreven. Ze doen wat ze eerder al deden: aankloppen bij Jean-Paul De Corte. Die besluit een persconferentie te geven. Op 21 februari zitten ze met zijn vieren in het Wetterse Gildenhuis en doen het hele verhaal. Ze besluiten met: er zijn mogelijk meer dan drie doden gevallen. “Twintig”, denkt De Corte.

Onderzoeksrechter Leo Tas komt tot een lijst van zeventien overlijdens waarvan hij Godfrieda verdenkt. Maar harde bewijzen heeft Tas niet.

De non ontkent intussen dat ze Matthys, Vanderginst en De Backer bewust doodde. Ze wou ze enkel kalmeren, is haar nieuwe versie. En met andere overlijdens heeft ze niets te maken.

De deskundigen komen in 1980 – Godfrieda zit dan al bijna drie jaar in voorhechtenis in Gent, waar ze veelvuldig bezoek krijgt van Mathieu – tot de conclusie dat de non ontoerekeningsvatbaar is.

Godfrieda wordt geïnterneerd in een instelling in Melle. In 1990 blijkt ze geen gevaar meer voor de samenleving: ze is niet meer verslaafd en haar hoofdpijn is onder controle. Ze keert terug naar het klooster van Wetteren. Maar haar geest hult zich in nevelen. Ze wordt dement en sterft in alle stilte in 2019. Haar familie wordt niet op de hoogte gebracht; op het nonnenkerkhof zijn welgeteld drie personen aanwezig: de priester, de deken en de begrafenisondernemer. Zuster Mathieu is vier jaar eerder gestorven.

Haar misdaden vormden de basis voor een film met Anita Ekberg en haar foto stond in gerenommeerde buitenlandse bladen als ‘Paris Match’ en ‘Time Magazine’. 

Bron

Bron: Willem Vandenameele met behulp van Gemini en Gazet van Antwerpen

Meer informatie

BE | | Publiek | CatalaansDeensDuitsEngelsFransItaliaansSpaans

Contactgegevens

Statistieken

Op zoek naar routes die hier langs komen?

Nabijgelegen routes
Advertentie

Activiteiten om te doen in de omgeving Toon alles

Selecteer hieronder één van de populairste activiteiten of verfijn je zoekopdracht.

- RouteYou Selections -

Ontdek de mooiste en meest populaire routes in de buurt, zorgvuldig gebundeld in passende selecties.

Advertentie

Bron: Willem Vandenameele

Bezienswaardigheden in de buurt Toon alles

Selecteer hieronder één van de populairste categorieën of laat je inspireren door onze selecties.

- RouteYou Selections -

Ontdek de mooiste en meest populaire bezienswaardigheden in de buurt, zorgvuldig gebundeld in passende selecties.

Bestemmingen in de buurt

Advertentie

Bron: Willem Vandenameele

Plan je route

Met RouteYou kan je eenvoudig zelf aangepaste kaarten maken. Stippel je route uit, voeg waypoints of knooppunten toe, plan bezienswaardigheden en eet- en drinkgelegenheden in en deel alles met je familie en vrienden.

Routeplanner

Routeplanner

Deze bezienswaardigheid op jouw website

<iframe src="https://plugin.routeyou.com/poiviewer/free/?language=nl&amp;params.poi.id=9379886" width="100%" height="600" frameborder="0" allowfullscreen></iframe>


Meer dan 11,800,0000 routes


Meer dan 15.000.000 gebruikers


Meer dan 4.500.000 trekpleisters

Adres

Kerkstraat 108

9050 Gentbrugge, België

Volg ons

Download de gratis app

Contact

Marketing en verkoop

sales@routeyou.com

Algemene vragen

Neem contact op met ons klantenserviceteam of bezoek ons helpcentrum.

© 2006-2026 RouteYou - www.routeyou.com